Proment

Trainingen

Vanuit de basis van de methodiek (lees hier) kunnen er verschillende trainingen opgezet en uitgevoerd worden door medewerkers van Stichting PROMENT (voor meer info lees hier). Het is belangrijk te weten dat de trainingen altijd maatwerk zijn, gericht op de doelgroep die aansluit bij een training. Hierbij wordt gewerkt met een zo geheten “toolbox”, die de mogelijkheden biedt om de training in te richten naar de behoefte. Hierbij is te denken aan inzet van sensomotorische stimulerende materialen (stof, papier, objecten etc), het inzetten van trainingsacteurs, ervaringsdeskundigen, inzet van media en allerlei werkvormen zoals rollenspellen en casuïstiek.

De trainingen worden gegeven door een tweetal ervaren trainers met kennis en ervaring op het gebied van persoonlijke ontwikkeling en mentaliseren. De groepen worden klein gehouden, maximaal 8 á 10 deelnemers, zodat individuele aandacht en ontwikkeling gewaarborgd zijn. Echter kan vanuit maatwerk ook gekozen worden voor een kleiner groepsaantal.

De basistraining mentale weerbaarheid bestaat uit minimaal vijf bijeenkomsten met ieder een eigen doelstelling en thema. De theorie die hierin ter sprake komt, vormt de basis voor alle PROMENT trainingen, indien gewenst aangevuld met situatie specifieke kennis en vaardigheden. Hieronder wordt in het kort weergeven wat de basistraining inhoudt.

Bijeenkomst 1
– Kennismaken met elkaar en met mensen en ideeën achter de Stichting PROMENT.
– Uitleg geven over de kaders en de randvoorwaarden.
– Uitleg geven over weerbaarheid en mentaliseren.

Bijeenkomst 2
– Terugblik geven op de vorige sessie.
– Herkennen en benoemen van emoties aan de hand van foto’s die verschillende emoties uitdrukken.
– Bewust worden van lichamelijke reacties (hartslag, adem, zweten), de verschillende emoties (blij, boos, bang, bedroefd, walging) en de reactie hierop (actie-intentie).
– Bevorderen van sociale interactie tussen de deelnemers met behulp van de
gemaakte huiswerk opdracht.

Bijeenkomst 3
– Kennismaken met het veerkrachtgericht werkmodel van De Jonghe (1997).
– Uitpakken van de imaginaire reistassen en reflecteren op het verhaal van het verleden.
– Ontdekken van en reflecteren op eigen veerkracht en kwetsbaarheid.
– Bevorderen van de sociale cohesie in de groep.

Bijeenkomst 4
– Verkennen van de (on)mogelijkheden en uitdagingen aan de hand van de meegebrachte recente gebeurtenissen.
– Bewust worden van lichamelijke sensaties, gevoelens en actie-tendenties die worden opgeroepen.
– Omgaan met kritiek, oordelen, afwijzing en conflict.

Bijeenkomst 5
– Bevorderen van wilskracht, actief handelen en positie innemen (empowerment).
– Vormgeven aan sociale ondersteuning door het verbreden van het eigen netwerk.
– Zoeken naar identiteitsverstevigers, zoals verhalen, gedichten, muziek, rituelen etc.